Association for Social Innovation zoekt inspiratie om de jeugdwerkgelegenheid in Bulgarije op te krikken

SYNTRA Vlaanderen had eind januari de Bulgaarse vzw Association for Social Innovation op bezoek, in het kader van het transnationale ESF-project “Duaal leren als hefboom voor jeugdwerkgelegenheid in grootsteden”. Tijdens dit studiebezoek leerde de delegatie uit Bulgarije de Vlaamse context beter kennen, in samenwerking met SYNTRA Vlaanderen, Departement Onderwijs, Beroepenpunt Brussel, Constructiv, JES vzw en VDAB. Deze bijdrage geeft de krachtlijnen weer van de afsluitende informatiesessie die onze Bulgaarse partner organiseerde. Deze sessie focuste op de uitdagingen waarmee het beleid inzake jeugdwerkgelegenheid in Bulgarije te maken heeft. We laten Gea Gea Holechkova en Nina Spasova aan het woord, die in hun presentatie spraken vanuit hun persoonlijke ervaring en visie. 

Waarvoor staat Association for Social Innovation?

Association for Social Innovation is een jonge vzw, opgestart in 2013 in Sofia. Net als tal van andere kleine middenveldorganisaties in Bulgarije, mikt ze op het versterken van vaardigheden van jonge Bulgaren die moeilijk hun weg vinden naar de arbeidsmarkt. Zo zet de Assocation for Social Innovation momenteel in op een online informatieplatform en informatieverstrekking via sociale media, om jongeren op een laagdrempelige manier te informeren over mogelijke wegen naar werk. In het verleden voerde de vzw tal van andere projecten uit, onder meer rond het bepalen van sleutelcompetenties binnen het onderwijs, het versterken van ondernemersvaardigheden en het aanbieden van beroepsopleidingen.

Uitdagingen voor het beleid inzake jeugdwerkgelegenheid in Bulgarije

Volgens de laatste cijfers van het Bulgaarse National Statistical Institute, die dateren van 31 december 2017, telt Bulgarije meer dan 1 miljoen inwoners tussen de 15 en 29 jaar. Bijna 30% van deze groep kan als inactief beschouwd worden. Van de inactieve jongeren blijkt minder dan de helft een diploma secundair onderwijs behaald te hebben. Duaal leren vormt een mogelijke oplossing om deze jongeren aan het werk te krijgen. Het kan leerlingen immers activeren op de werkplek, in opleidingen die nauw aansluiten bij de noden op de arbeidsmarkt, en zo de toeleiding naar werk verbeteren.

“In Vlaanderen zet de overheid sterk in op het opleiden van jongeren en werkzoekenden”, zo stelt Holechkova. Deze gestructureerde aanpak ziet ze als een duidelijke sterkte, zowel voor de uitrol van de maatregelen gericht op individuen die behoren tot de NEET (Not in Education, Employment or Training)-groep, als voor de manier waarop duaal leren wordt ingezet. Holechkova en Spasova zijn van mening dat in Bulgarije voornamelijk projectmatig wordt ingezet op vernieuwing in hun domein. Ook de duale opleidingen die er worden uitgetekend, zijn volgens hen steeds tijdelijk gefinancierd en maken geen duidelijk onderdeel uit van een specifieke beleidslijn. De geïnterviewden vinden dat Vlaanderen op dat vlak sterker staat. “Vlaanderen heeft al heel wat stappen gezet in de richting van evidence-based beleid: groeien op de schouders van proeftuinen, onderzoeken en monitoren. We hopen dat Bulgarije ook in deze richting evolueert,” meent Holechkova.

Beroepsopleiding en -training worden in Bulgarije aangeboden door verschillende instanties. Het leeuwendeel van de aanbieders zijn vocational training centers (noot van de redactie: centra voor beroepstraining), die een vergunning moeten aanvragen bij een centraal overheidsagentschap. De vergunning wordt toegekend na een evaluatie van de aanbieder op een aantal aspecten, zoals de professionele achtergrond van de opleiders en de voorziene infrastructuur. Voor elke beroepsopleiding legt de overheid een opleidingsprofiel op. Aanbieders die een goedkeuring bekomen, krijgen deze voor onbepaalde duur. “Bulgarije kan nog heel wat stappen zetten op het vlak van kwaliteitscontrole en monitoring”, vult Holechkova aan. “Het certificaat aan het einde van de opleiding is dan wel erkend door de overheid, maar de kwaliteit van de opleiding wordt onvoldoende gemonitord.” Heel wat ondernemingen grijpen deze kans aan om zelf een beroepsopleiding aan te bieden die aansluit bij de profielen die ze zoeken. In dat geval leiden de ondernemingen hun toekomstige werknemers zelf op. Hoewel het vaak om waardevolle projecten gaat, kan de Bulgaarse overheid de kwaliteit ervan niet garanderen omwille van onvoldoende monitoring.

Een uitdaging voor Bulgarije – en één die Vlaanderen niet vreemd is - is het opnieuw waarderen van STEM-richtingen (noot van de redactie: Science, Technology, Engineering and Mathematics) en vakwerk. Voor jongeren die hoger onderwijs volgden, is het in Bulgarije niet altijd eenvoudig om een job te vinden. Het lijkt onze geïnterviewden een goede zaak om in te zetten op campagnes ter promotie van STEM, zoals in Vlaanderen. Maar ook vakwerk moet voldoende aandacht krijgen, menen ze. Sectororganisaties zoals Constructiv, dat jongeren wil overtuigen om in de – vaak als hard geziene - bouwsector te werken, ontbreken volgens hen in Bulgarije. Naar hun mening is ook een bredere mentaliteitswijziging nodig om de honger naar vakmannen en -vrouwen op de arbeidsmarkt te kunnen stillen.

Inspiratie uit Vlaanderen: enkele goede praktijken

Association for Social Innovation wil in haar project een aantal van de bovenvermelde uitdagingen aangaan. Ze leerde tijdens haar bezoek alvast een aantal goede praktijken kennen. Zo wees JES vzw erop dat het geven van vertrouwen een cruciale factor is om jonge werkzoekenden te activeren. Ook een outreachende aanpak, waarbij jongeren actief aangesproken worden, kan nodig zijn. Bij Beroepenpunt Brussel maakten onze bezoekers kennis met een informatieplek die opgezet is als een  zogenaamde one-stop-shop, waar werkzoekenden alle informatie vinden op één fysieke locatie. “Informatie verspreiden, en zorgen dat die de doelgroep echt bereikt, is cruciaal. Ook werken aan de motivatie van zowel jongeren als werkgevers is de sleutel tot een succesvolle samenwerking. Om te motiveren, is vertrouwen essentieel. Vertrouwen van begeleiders in leerlingen en jongeren ruimer, van onderwijsverstrekkers in werkgevers, en omgekeerd. Dit hebben we ook geleerd uit ons bezoek. En daar willen we in ons project verder werk van maken,” sluit Holechkova af.

Meer informatie over het Vocational Education and Training (VET)-systeem in Bulgarije vindt u hier.

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback!

Auteurs

SYNTRA Vlaanderen