Duaal leren tijdens de coronacrisis: drie leerlingen ‘zorgkundige duaal’ getuigen

De meeste leerlingen duaal leren zagen hun overeenkomst geschorst worden tijdens de voorbije weken, omwille van het coronavirus. Maar opleidingen in de zorg vormen daar vaak een uitzondering op. Verschillende opleidingen in de zorg werden namelijk beschouwd als essentiële opleidingen ter ondersteuning van de essentiële diensten.1 Leerlingen met een overeenkomst voor een zorgopleiding konden daardoor hun overeenkomst vaak verderzetten.  

We vroegen drie leerlingen uit het 7de jaar zorgkundige duaal hoe het is om duaal te leren tijdens de coronacrisis. Yasmina en Noor2 lopen school aan het Busleyden Atheneum (Campus Nekkerspoel) in Mechelen. Jolien is leerlinge aan het PISO (Provinciaal Instituut voor Secundair Onderwijs) in Tienen. Na een leerperiode in een residentiële setting hebben ze alle drie op dit moment een leerwerkplek in de thuiszorg.

  • 1. Ministerieel Besluit van 23 maart 2020 houdende dringende maatregelen om de verspreiding van het coronavirus COVID-19 te beperken, B.S. 23 maart 2020.
  • 2. De naam Noor is een pseudoniem.

Sinds 13 maart 2020 kunnen veel leerlingen niet meer op de werkplek leren. Sommigen zijn intussen wel al teruggekeerd. Voor jullie bleef het leren op de werkplek gewoon doorlopen. Wat vinden jullie daarvan?

JOLIEN: “De zorgbehoevende mensen hebben ons echt wel nodig. En ook nu doen we ons uiterste best om hun goede zorgen te kunnen geven.”

YASMINA: “Ik vind het juist leuk en mooi dat ik mensen kan helpen in deze moeilijke tijd. Ik ben ook heel blij dat ik nog mijn laatste deel 'leren op de werkplek’ kan afronden. Zo kan ik mijn diploma behalen aan het einde van dit schooljaar.”

NOOR: “Ik vond het ook goed dat het leren op de werkplek kon blijven lopen. Ik zou mezelf dood vervelen. Ik zou niet weten wat te doen, zo hele dagen thuis zitten … Ik ben iemand die heel graag actief bezig is, en sociale contacten zijn voor mij heel belangrijk. Dat is ook de reden waarom ik vakantiewerk doe. En de vergoeding die ik daarvoor krijg, is voor mij altijd een bijzaak. Ooit zal een inkomen hebben wel belangrijk zijn, maar op dit moment zijn sociale contacten voor mij het belangrijkste.”

Hoe gaat het leren op jullie werkplek er momenteel aan toe? Is het anders dan voor we met het coronavirus te maken kregen?

JOLIEN: “Er is eigenlijk niet veel veranderd op de werkplek zelf, wat de inhoud betreft dan. Maar qua handelingen draait alles rond corona. We moeten natuurlijk anderhalve meter afstand houden en de hygiënemaatregelen opvolgen. Op het vlak van die maatregelen worden we extra begeleid. Als we boodschappen gaan doen, dan is het wel drukker. Maar gelukkig hebben we een speciaal pasje gekregen, waarmee we voorrang krijgen in winkels, zodat we zeker altijd op tijd de andere opdrachten gedaan kunnen krijgen.”

NOOR: “We mogen geen cliënten meer meenemen om te gaan winkelen. Zelf mogen we niet meegaan als de cliënt een afspraak buiten de woning heeft, bijvoorbeeld in het ziekenhuis. En de nadruk op hygiënemaatregelen is inderdaad groot: handen wassen en drogen met papieren doekjes, afstand houden en in bepaalde omstandigheden ook een mondmasker dragen. Ik kreeg elke week een telefoontje van de werkplekbegeleider met de vraag of alles nog doenbaar was. Ik kreeg daarbij duidelijk de boodschap dat ik me niet moest ‘forceren’.”

YASMINA: “De begeleiding op de werkplek zelf verloopt niet anders dan vroeger, vind ik persoonlijk. Ik heb bijvoorbeeld altijd steun en hulp gekregen van collega's, en dat was en is ook het geval tijdens corona. Natuurlijk zijn er wel wat aanpassingen in de manier waarop werken. Er zijn regels die we moeten volgen en waaraan we ons echt wel strikt houden, vooral dan hygiënemaatregelen. Ik sta momenteel in de thuiszorg en laat risicopatiënten niet naar de winkel gaan. Dat doe ik dan zelf, om hen te beschermen.” 

En het leren op school ging er de afgelopen weken waarschijnlijk ook anders aan toe, met de sluiting van de schoolgebouwen? 

JOLIEN: “We moesten tot voor kort de algemene vakken van thuis uit leren. We kregen lesbundels doorgestuurd via Smartschool en de leerkracht organiseerde elke week een online sessie om de leerstof te overlopen. We moesten dus zelfstandig een deel van de leerstof verwerken. Dat was nieuw voor ons. De school maakte voor die online lessen gebruik van Smartschool Live. Daar waren we ook niet vertrouwd mee. We moesten er dus wel wat inkomen, maar nadien verliep alles heel vlotjes!”

NOOR: “Ook wij namen de voorbije weken onze lessen thuis door, op basis van bundels die we doorgestuurd kregen. We waren vrij om alles zelf te plannen. Online lessen waren er niet. Dat is in ons geval ook niet zo gemakkelijk te organiseren, omdat iedereen in een ander traject zit. De ene staat al verder qua leerstof dan de andere. Maar ik kreeg wel af en toe een telefoontje van de tewerkstellingsverantwoordelijke van mijn school, om te horen hoe het ging.”

Werd of wordt tijdens de lessen op school ook aandacht besteed aan het coronavirus?

JOLIEN: “Er wordt inderdaad vaak over het coronavirus gesproken. Het krijgt een belangrijke plaats in de lessen, bijvoorbeeld waar het gaat om hygiënemaatregelen. En voor het vak levensbeschouwing hielden we een dagboek bij over onze dagen in coronatijd.”

NOOR: “We kregen de mogelijkheid om via e-mail enkele vragen te beantwoorden rond corona, maar dat was niet verplicht. Die vragen peilden vooral naar de maatregelen die we nemen of zouden nemen, op de leerwerkplek en daarbuiten.”

En hoe gebeurt de koppeling tussen leren op school en leren op de werkplek de laatste tijd?

JOLIEN: “De leerstof die we op school krijgen, nemen we – zoals altijd - mee naar de werkvloer. Er wordt sowieso door de leerkracht en mentor elke maand bekeken wat we op school geleerd hebben en wat we zullen zien op de werkplaats. Zo heeft iedereen een goed zich op ‘wat we waar doen’. We kunnen ook aangeven wat we zelf, als leerling, nog graag zouden leren. Dat is gebleven. De contacten tussen mijn school en de werkplek verlopen wel anders: de evaluatiegesprekken gaan bijvoorbeeld telefonisch verlopen in plaats van ter plaatse. En verder zorgt de school ook voor extra begeleiding en bijstand bij het leren op de werkplek, als we daar nood aan hebben.”

De lessen op school zijn intussen terug opgestart voor jullie. Hoe hebben jullie die heropstart ervaren?

JOLIEN: “Vanaf 18 mei zijn de lessen inderdaad weer gestart voor ons. Het was best wel spannend. Wij, de 7de-jaars, gaan dit jaar terechtkomen op de werkvloer, en het is voor ons dus echt belangrijk dat we worden klaargestoomd voor die stap. Het is wel een heel bijzondere periode. Zeker een afstudeerjaar om nooit meer te vergeten. Ik vind het wel jammer dat we ons jaar zo gaan moeten afsluiten, in deze situatie.”

NOOR: “Voor mij was het wat dubbel. Ik was blij om mijn vriendinnen en de leerkrachten terug te zien. Maar het is niet zo eenvoudig nu, op school. Ik vind het heel belangrijk om de regels qua afstand en zo te respecteren, zodat ik mijn cliënten niet besmet. Bij ons op school, in het middelbaar onderwijs zijn ze ook heel streng over het opvolgen van die regels, maar het kan natuurlijk altijd gebeuren dat ik toevallig, ondanks het opvolgen van die regels, besmet raak. Ik zou niet op mijn geweten willen hebben dat ik een cliënt besmet. Ik ben dan ook extra voorzichtig nu.”

We mogen hopen dat jullie al de appreciatie kregen die jullie verdienen. Worden jullie in deze tijd extra gewaardeerd als leerling, op jullie werkplek?

JOLIEN: “Zeker weten! Alle extra hulp kunnen ze gebruiken, in een tijd als deze, op mijn leerwerkplek. Ik ondervind ook buiten mijn werkplek dat mensen heel veel respect hebben voor ons toekomstige beroep als zorgkundige.”

YASMINA: “Ja, ik word heel erg gewaardeerd, zowel door de werkplek als door de mensen voor wie ik werk!”

NOOR: “Van mijn school krijg ik echt veel hulp en dankbaarheid. Iedereen is daar ook heel vriendelijk. Op mijn werkplek is het momenteel zo druk dat ze weinig tijd hebben voor zoiets. En dat begrijp ik wel. Op straat is dat wat anders. Zeker als ik voor iemand moet gaan winkelen: dan krijg ik scheve blikken. Wanneer ik bijvoorbeeld naar een supermarkt ga, dan krijg ik voorrang om voor een cliënt inkopen te doen, als ik een attest voorleg. Dan doen andere klanten, die staan te wachten om binnen te mogen, nogal eens moeilijk, en zelfs medewerkers van de supermarkt zelf.”

Hebben jullie extra leerkansen gekregen de voorbije weken? Hebben jullie iets bijgeleerd ‘dankzij’ de coronacrisis?

JOLIEN: “Er zijn wel thema’s die meer aandacht krijgen, precies omwille van het coronavirus. Zo hebben we extra tijd en aandacht besteed aan (hand)hygiëne en besmetting, bijvoorbeeld. Op onze leerwerkplek ligt daarbij sterk de focus op preventie: het voorkomen van besmetting.”

NOOR: “Dat is een moeilijke vraag. Misschien dat ik, als we opnieuw ons gewone leven hebben, wel merk dat ik in deze periode iets specifieks heb bijgeleerd. Maar wat ik zeker heb ondervonden, is dat hygiëne heel belangrijk is!”

Tot slot: als deze coronatijd achter de rug is, wat gaan jullie daar dan van onthouden?

JOLIEN: “Ik ga vooral onthouden dat dit een heel moeilijke tijd was voor ons allemaal, en dat we echt van geluk mogen spreken dat het voorbij is. Voor mij persoonlijk is het een afstudeerjaar om nooit meer te vergeten! 

YASMINA: “En ik ga zeker onthouden hoe belangrijk het is dat we voor elkaar zorgen. Dat heb ik de voorbije tijd nog eens mogen ervaren!”

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback!

Auteurs

SYNTRA Vlaanderen