Interview met Griet Mathieu (POV): Duaal leren om levenslang te leren

Welke rol kan duaal leren spelen om ons levenslang te doen leren? En hoe kunnen leerkrachten en ondernemingen meegenomen worden in dat verhaal? An Katrien Sodermans en Bruno Tindemans spraken met Griet Mathieu, directeur van Provinciaal Onderwijs Vlaanderen (POV), de koepelorganisatie van de provinciale scholen en centra in Vlaanderen.

Duaal leren om levenslang te leren

In Vlaanderen ligt de deelname aan levenslang leren laag, dat schreven we al in een eerdere bijdrage op ODIN. Maar liefst 51% van de Vlamingen (tussen de 25 en 64 jaar) participeerde in een periode van 12 maanden aan geen enkele formele of informele opleiding, zo blijkt uit onderzoek van de OESO op basis van de PIAAC-enquête1 (OECD, 2019). Bovendien zijn weinig mensen bereid om na hun 25ste nog bij te leren: 82% van de volwassen Vlamingen wil niet participeren aan opleidingen, terwijl het OESO-gemiddelde slechts 76% bedraagt (OECD, 2019). Leren blijft dus grotendeels beperkt tot de eerste 25 jaar van ons leven. Obstakels om te leren blijken onder meer de moeilijke combinatie met werk en gezin, en het feit dat de locatie of het tijdstip van opleidingen niet passen. Is duaal leren dan niet de ideale hefboom om die obstakels weg te nemen?

  • 1. PIAAC staat voor Programme for the International Assessment of Adult Competencies. Het is een grootschalige enquête die afgenomen wordt in veertig landen, in opdracht van de OESO.

MATHIEU: “Het volwassenenonderwijs vraagt ons regelmatig of er op de werkplek opleidingen ingericht kunnen worden. Er is immers nood aan opleidingen die mensen toelaten om aan het werk te blijven en door te groeien. Het model dat we nu kennen en waarbij iedereen na de uren les komt volgen, is een model dat we moeilijk kunnen aanhouden. Momenteel wordt in het volwassenenonderwijs gecombineerd onderwijs aangeboden zodat cursisten ook thuis een opleiding kunnen volgen. Maar we vinden dat we nog een stap verder moeten kunnen gaan om een antwoord te bieden op de nood aan reskilling. Werkende mensen ervaren bijvoorbeeld ook een steeds grotere werklast, wat betekent dat ze sowieso minder tijd hebben om ’s avonds nog een opleiding te volgen. Binnen het provinciaal onderwijs willen we dan ook de uitdaging aangaan om duaal leren een plaats te geven in het volwassenenonderwijs.

Voor het volwassenenonderwijs moeten we volgens mij naar twee vormen van duaal leren gaan. Enerzijds kan duaal leren in dagonderwijs aangeboden worden, voor wie niet werkt. Anderzijds zijn er de werkenden. Die moeten we op de werkplek houden. De leerpaden duaal voor werkenden moeten anders ingevuld worden dan voor niet-werkenden.

We hebben als provinciaal onderwijs al troeven in handen om duaal leren ingang te doen vinden in het volwassenenonderwijs. We werken immers al jaren samen met het bedrijfsleven. Die samenwerking zit echt in onze cultuur. Dat heeft ook te maken met onze STEM-identiteit: we bieden heel wat STEM-opleidingen aan, in het secundair én in het volwassenenonderwijs. Onze visie is dus dat levenslang leren gebeurt in nauwe samenwerking met de bedrijfswereld. Dat is voor ons een evidentie. Ook onze eigen leerkrachten voelen trouwens de nood om te leren op de werkvloer.”

Leerkrachten ondersteunen

Een grote troef van duaal leren is dat het toelaat om leerinhoud en leermethodes te kiezen op maat van de lerende en de arbeidsmarkt.

MATHIEU: “Maar leren op maat, daarvoor ontbreken de nodige financieringsmechanismes. Nu verloopt de financiering volgens het principe dat een groep cursisten samen een module moet volgen. Dat moet anders. De verplichting van regelmatige aanwezigheid van de cursist in de les is intussen wel afgeschaft in de Centra voor Volwassenenonderwijs, maar we moeten een stap verder gaan: we moeten écht op maat werken. Leerkrachten willen ook meer op maat werken, maar de bestaande reglementering kan nog beter afgestemd worden op maatwerk.

We stellen vast dat duaal leren zijn plaats begint te veroveren in het secundair onderwijs. Het volwassenenonderwijs en het hoger onderwijs moeten nu aan de beurt komen. Ondersteuning van leraren en mentoren op de werkvloer bij de implementatie is een belangrijk succescriterium. Het provinciaal onderwijs vindt het dan ook belangrijk om de handen in elkaar te slaan met de sectoren. Duaal leren biedt kansen om die samenwerking te intensifiëren.

Het zou zinvol zijn om praktijkleraren een paar maanden aan de slag te laten gaan in bedrijven, als vorm van professionalisering. We denken er bijvoorbeeld ook aan om een lesgever uit een school een duo te laten vormen met een lesgever uit een bedrijf, zodat ze van elkaar kunnen leren. Dat behoeft natuurlijk de nodige kaders, want een leerkracht die uit de school verdwijnt, moet vervangen kunnen worden. Er zou bijvoorbeeld een poolmechanisme voorzien kunnen worden, zodat er een andere leraar in de plaats komt, als tijdelijke vervanging.”

Griet Mathieu ziet een aantal praktische ingrepen die het de leerkracht eenvoudiger kunnen maken om mee te stappen in het verhaal van duaal leren.

MATHIEU: “Onze leerkrachten hebben een zeer grote vraag naar het digitaliseren en uniformiseren van de evaluatiesystemen binnen duaal leren, naar een uniform kader dat kan ingevuld worden ongeacht de opleiding die gekozen wordt. Veel scholen, maar ook veel sectoren, maken een eigen systeem. Iedereen doet dat naar goed vermogen, maar we riskeren binnenkort 1001 systemen te hebben. Als een bedrijf vijf leerlingen heeft van verschillende scholen, dan moet het met vijf verschillende systemen werken. Maar omgekeerd geldt dat ook: een school die vijf verschillende duale opleidingen aanbiedt en met vijf bedrijven werkt, zal ook met vijf verschillende evaluatiesystemen te maken krijgen.”

Bedrijven aantrekken

Niet alleen moeten leerkrachten ondersteund worden om duaal leren waar te maken. Ook bedrijven hebben soms een duwtje in de rug nodig.

MATHIEU: “Een aantal bedrijven heeft nog nooit gehoord van duaal leren. En als we het niet heel grondig uitleggen, dan wordt het vaak gepercipieerd als ‘leren en werken’. En dat mag niet de bedoeling zijn. De sectoren doen al heel wat inspanningen, maar KMO’s en éénmanszaken zouden wat meer aandacht kunnen krijgen. Maar ook ondernemingen die wel al aan duaal leren doen, krijgen we niet steeds volledig mee.

Scholen botsen op bedrijven waar de leerling maar een bepaald gedeelte van een standaardtraject kan realiseren. We laten hen dan andere bedrijven zoeken, voor een tweede en eventueel derde gedeelte. Maar sommige bedrijven vinden het moeilijk dat een leerling naar meerdere ondernemingen gaat. Ondernemingen uit sectoren die met serieuze tekorten aan potentiële werknemers kampen, staan daar niet voor open, omdat ze de leerling - die ze zelf hebben opgeleid - liever bij zich houden. Het is niet gemakkelijk om aan ondernemingen uitgelegd te krijgen waarom het zo belangrijk is dat de leerling bij meerdere ondernemingen terecht kan. De grote tekorten op de arbeidsmarkt versterken dit spanningsveld. Nochtans is het leren in meerdere ondernemingen ideaal voor de leerling, omdat die zo veel kan leren. We hopen dan ook dat ondernemingen stilaan het belang van meerdere leerwerkplekken inzien."

Was deze informatie nuttig?

Bedankt voor uw feedback!
Referenties

 

OECD (2019). OECD Skills Strategy Flanders: Assessment and Recommendations. Parijs: OECD Skills Studies, OECD Publishing.

Recente blogberichten